Army Show Twenthe in focus (deel 1)

Ad Woolthuis en Jan Houtkoop bezochten in het achterliggende jaar 2017 verschillende Army Shows. En ze kwamen daar niet alleen heerlijk maar ook zeer zeldzaam 4×4 snoep tegen! Dat willen we je niet onthouden dus bij deze de start van ideaal lees- en kijkvoer om vanuit de luie stoel de winter door te komen!

Doordachte keus. De eerste die we voor het voetlicht halen is de International Army Show welke begin september 2017 voor het eerst gehouden werd op het Vliegveld Twenthe. We hebben nog een viertal Army Shows op de plank liggen maar waarom we deze als eerste ‘showen’ is niet geheel willekeurig, want stuk voor stuk komen fotografen Ad Woolthuis en Jan Houtkoop prachtig en bijzonder off-road spul tegen op die overige Army Shows en dan zou een chronologische volgorde op data logischer zijn. Maar nee, deze eerste International Army Show op Vliegveld Twenthe blijkt zo’n succes dat er dit jaar 2018 twee edities gehouden worden. De eerste ‘Winter Edition’ staat weldra voor de deur en wordt 20-21 januari gehouden in het (overdekte) MECC in Maastricht. De tweede is dan op 1 en 2 september dit jaar en uiteraard opnieuw op het Vliegveld Twenthe. Is je agenda van deze maand nog leeg op een van de twee data, of allebei natuurlijk, dan kun je bij deze een aanrader noteren. Wat je daar kunt verwachten? Een greep uit de aankondiging van de organisatie: op 20.000 m2 wordt geboden: Militaria Beurs, Thema Expositie Voertuigen, Static Reeanctment, Verkoop van Legervoertuigen, Music Stage, Meet & Greets, Veteranen Area, Presentatie Voertuigen Clubs, Concours d’ Elegance, Tank Area met starten van o.a. Tanks en nog veel meer! Dunkt ons dat het genoeg is om je een dag, of zelfs twee dagen, bezig te houden toch?

Lekkermakertjes. Jeeps zijn er te kust en te keur zoals boven onze ‘oude en vertrouwde’ Nekaf en hier onder uiteraard de Willys MB (of Ford GPW, maar dat is op afstand moeilijk te zien) waarmee het off-road min of meer in gang werd gezet. Maar stop nu niet met lezen en kijken, want verderop kom je een paar heel bijzondere exemplaren tegen!

 

Boven: Wat is er allemaal te zien op een Army Show? Beter kun je je afvragen wat er niet te zien is op militair gebied. Oké, (atoom)wapens zul je niet of nauwelijks tegenkomen, maar verder tanks, auto’s, trucks, fietsen, uitrustingen en, zoals hier boven, motoren. In dit geval is het een Franse Motobécane en als je bijvoorbeeld Wikipedia er op na slaat, dan leer je dat Motobécane een historisch merk is van fietsen, motorfietsen en bromfietsen. Mocht je niet direct een licht opgaan, dan zal dat ongetwijfeld aanfloepen als we ‘Mobylette en Solex’ noemen, de meest bekende en beroemde modellen van het merk. Tot 1982 is het merk Motobécane één van de grootste tweewieler fabrikanten ter wereld. Vanaf 1984 wordt de merknaam MBK gebruikt. 

Onder: Nee, nee, hij is niet onderuit gegaan als gevolg van het overweldigende schouwspel dat zijn brein niet heeft kunnen verwerken en ook is hij niet allergisch voor groen. Gewoon een fotograaf die een ander dan het gebruikelijke plaatje wil schieten. Onder meer aan deze houding herken je de creatieve fotograaf. 

Boven: De Army Show wordt regelmatig luister bijgezet door live muziek. Uiteraard in het genre dat populair was in de oorlogsjaren.

Onder in twee uitvoeringen: De Duitse ‘Schwimmwagen’ is technisch gebaseerd op de Kübelwagen van Volkswagen en die heeft op zijn beurt genen van de civiele KdF-Wagen die we later veel beter leren kennen als de Kever. We schreven er al eens eerder over. In eerste instantie worden er in 1941 dertig stuks gebouwd met de aanduiding Type 128. Er volgen nog een paar kleine series totdat Type 166 haar intrede doet met een veertig centimeter kortere wielbasis. Naar verluid zouden er ruim 15.000 gebouwd zijn als de productie in 1944 gestopt wordt en daarmee zou het de meest geproduceerde amfibische auto zijn in de geschiedenis. De motor is dezelfde luchtgekoelde viercilinder van de KdF-Wagen, maar met een grotere inhoud van 1.131 cm3 (25 pk bij 3.000 t/pm). Tweewiel aandrijving is standaard met keus voor vierwiel aandrijving. De kantelbare schroef wordt aangedreven middels een korte ketting vanaf een aftakas op de motor.

Boven: Het schreeuwende tekort aan vervoer van materieel in de oorlog leidde onder meer tot de ‘Tilly’s’, zoals deze van Austin.

Rupsvoertuigen in meerdere uitvoeringen. Het nadeel is dat ze nogal dorstig zijn maar het voordeel is dat je zelden of nooit parkeerproblemen hebt… 

Boven. B.A.I.V. staat er op de flanken te lezen en dan heb je te maken met British American Infantry Vehicles, een bedrijf dat in 2002 opgericht werd met als doel het zich bezig houden met historische, militaire pantservoertuigen en hun uitrustingen in de breedste zin van het woord. Voor zover we weten rijden ze hier in een Britse Spartan CVRT (Combat Vehicle Reconnaissance Tracked) Armoured Personnel Carrier. Voor de motorisering wordt gebruik gemaakt van een Cummins BTA 5.9 Turbo motor.   

Boven: Het Model 53 Airborne Scooter van Cushman Motor Works kon gedropt worden met een parachute of meegenomen worden door een zweefvliegtuig. Ze waren bedoeld voor de infanterie voor snel (onderling) vervoer tussen troepen en eventueel vervoer van spullen. Weliswaar geen 4WD maar je kon er mee door dertig centimeter water en een helling van 25 procent beklimmen. De actie-radius bedroeg circa 160 km en Cushman heeft er 4.734 geproduceerd. Tegenwoordig worden voor nette Cushman’s 53 behoorlijke bedragen neergeteld.

Boven: Hé, die kennen we, want we komen ze ook tegen in het NK ORR! Anton Blom en Pietie van der Laan (links op de foto) met hun medische staf.

Boven: Te koop deze REO M275A2, uitgerust met een Continental LD-465 multifuel dieselmotor.

Twee keer boven en twee keer onder: Ruimte ook voor de wereld van de modelbouw. Radiografisch bestuurde tanks zonder bemanning (boven) of compleet met bemanning (onder).

Boven en onder: Renault Goélette. We hebben deze uitgebreid besproken in ons verslag van Wings and Wheels in augustus vorig jaar. In ons archief kun je onder de rubriek ‘getest’ meer over hem vinden zo je wilt.

Boven: DAF YA 126 en onder de Nekaf in UN uitvoering.

Boven: Volvo L3314, bijgenaamd de Laplander.

Boven: DAF YA 328.

Boven: De VW Iltis. Onder: de Russische GAZ 69.

Boven: De Dodge WC is er in legio uitvoeringen zoals deze WC 51. Onder: Leuke Duitse Herder.

Boven en onder: De MP (Militaire Politie) is ‘rijkelijk’ aanwezig.

Boven: De Austin K2y Ambulance is gebaseerd op de civiele Austin K30 maar met een simpeler cabine en geen deuren (alleen eventueel een canvas zeil). Een 3,5 liter zescilinder met 63 pk dreef alleen de achterwielen aan. Met circa 13.000 stuks is het de meest gebouwde Engelse ambulance. Via een klein deurtje kon je vanuit de cabine naar ‘de ziekenboeg’. Makkelijker instappen kon je achterin via twee grote deuren. 

Boven en onder: De Nekaf in brandweer uitvoering is niet heel dik gezaaid. We hebben in het verleden een keer een artikel aan dit exemplaar van Jan Visscher gewijd. ‘Deze uitvoering’ met hem achter het stuur hadden we nog niet eerder….. is namelijk inclusief twee leuke honden. 

Boven: Verstandig in het kader van ‘pappen en nat houden’?

Boven: Dodge WC 60 is een ‘Emergency Repair 3/4 ton 4×4. Een reparatiewagen dus en je ziet hier een deel van zijn uitrusting. 

Boven: Diamond T.

Boven: Scania SBA. Onder: AM General M923A2.

Boven en onder: Op de Volvo ‘Laplander’ gebaseerd, de L3304.

 

Boven: Kaiser-Jeep M52A2.

Boven en onder: Geen veel voorkomende verschijning, de Portugese UMM.

Boven: En dan bots je zomaar tegen dit juweeltje op, een Willys MA slat grille! Met de naam Willys bovenin de grille zou het gaan om de eerste serie van 1.500 als gevolg van de eerste order die het leger alle drie fabrikanten geeft. Willys maakte er 1.555 (waarvan 50 met vierwiel besturing) en de meeste daarvan verdwijnen naar bevriende, ‘geallieerde’ landen (UK en Rusland) in het kader van het Lend-Lease Programma. Naar schatting zouden er wereldwijd nog 45 Willys MA van 1941 bestaan, waarvan er 27 gerestaureerd zouden zijn. De volgende Willys hebben nog wel de slat grille, maar de naam Willys ontbreekt. Totaal worden 25.808 slat grilles geproduceerd alvorens de bekende negen slots grille (van Ford) standaard wordt. Maar dan zitten we al in de Willys MB fase.

Onder twee keer in kleur: Nog veel zeldzamer is de Willys MT-TUG 6×6. Na enkele prototypen zouden er circa 15 van deze MT-TUG’s gebouwd zijn. Helaas zijn we er niet bij geweest, dus we weten niet of het hier om een originele MT-TUG gaat. We weten dat er ook enkele goede replica’s zijn gemaakt (en veel meer slechte), maar voor zover wij kunnen zien op de foto ziet deze TUG er vreselijk origineel uit…. We lieten de foto’s zien aan Mark Askew die een boek over de Willys T-28 Half-Track en 6×6 MT-TUG publiceerde (ISBN 0-9534470-6-5. Hij is een expert op beide gebied maar kon ons ook geen uitsluitsel geven zo lang hij de achterzijde van de auto niet gezien heeft. We hebben in een latere fase de auto gevonden, inclusief een foto van diens achterzijde. Aan de hand daarvan deelde Mark ons mee dat we mogen uitgaan van een origineel exemplaar! Hieronder deze foto wat meer over de TUG en zijn geschiedenis.

De aanzet. Rond de tijd dat de drie autofabrikanten Bantam, Willys en Ford de eerste serie prototypen bouwen (respectievelijk de BRC40, Willys MA en Ford GP), ontstaat ook het idee voor een 6×6 Super Jeep. De bedoeling is om op de 6×6 Jeep een 37 mm anti-tank geschut te plaatsen. Ford komt als eerste met een ontwerp op de proppen, op de hielen gevolgd door Willys. Het Ford model is gebaseerd op haar GP met toevoeging van wat onderdelen van andere Ford trucks en de Dodge 3/4 ton. Ford geeft het enige prototype dat ze bouwen de toevoeging T-13 en er is een tamelijk bekende foto van de auto op het internet te vinden (zwart/wit foto hieronder). In tegenstelling tot wat meestal te lezen valt is dit geen 6×6 maar een 8×4! Alleen de achterste vier wielen worden aangedreven. Het middelste zevende wiel en op de foto niet zichtbare achtste wiel zijn geen reservewielen wat vaak gedacht wordt, maar kun je laten zakken om op die manier te helpen de voorwielen omhoog te tillen vanuit een diepe greppel of sloot. Dat ‘trucje’ hebben we ook gezien op enkele Oost-Europese legervoertuigen tijdens het Wings and Wheels in België. 

De 6×6 uitvoeringen van Willys. Kort na de Ford komt Willys met haar 6×6 (alle uitvoeringen hebben ook daadwerkelijk 6×6 aandrijving) welke ze de ‘titel’ T-14 37mm Gun Motor Carriage meegeven. Hij is gebaseerd op de Willys MA en latere uitvoeringen op de Willys MB. Gesproken wordt onder meer over twee eindoverbrengingen (4.88 en 5.38) en dat zou betekenen dat er twee 6×6 uitvoeringen gemaakt zijn met de slat grille. Ze hebben een aantal tekortkomingen maar ook komt Dodge met een 3/4 ton wapen drager welke eveneens is uitgevoerd met een 37mm geschut. Toch wil het leger een tweede prototype van Willys en dat wordt de T-14A of MT-C 6×6 Gun Carrier. Deze komt een paar maanden later maar heeft dan onder andere de bekende gestampte grille (van Ford). Na de eerste zouden er nog een stuk of vier gebouwd zijn maar die weer op verschillende punten afwijken van de eerste T-14A. Alle 6×6 uitvoeringen hebben een inschuifbaar stuurwiel alhoewel dat op de latere MT-TUG versie (komen we zo op) anders is. Eerst komen ze nog met enkele andere uitvoeringen, zoals een (licht) gepantserde 6×6 Super Jeep, de T-24 Armoured 6×6 (Willys noemt deze de MT-A of MT-24). De volgende versie van de 6×6 wordt een ambulance uitvoering, vooral bekend onder de aanduiding MT-C. De officiële aanduiding is Willys 3/4 6×6 Field Ambulance en het is de eerste keer dat een 6×6 van 1/4 ton geclassificeerd wordt naar 3/4 ton. Hij is onmiddellijk herkenbaar aan de hoge zijkanten en achterklep. De volgende versie met 6×6 is de MT-CA#3 en die is voor het vervoer van lading of manschappen. Pas daarna komt de laatste versie van de Willys 6×6 in beeld, de MT-TUG. Als boven geschreven zouden er 15 gebouwd moeten zijn onder contract W-303-ORD-4623 en met registratienummers 2179612 tot en met 2179626 en met serienummers MT-TUG 01 tot en met 15. Het registratienummer op de motorkap van de MT-TUG op de foto’s kan dus kloppen. Waar het grootste deel van die vijftien stuks zijn gebleven is onbekend. Duimen dus dat je er ooit nog een tegenkomt in een schuurtje… De T-24 Armoured Jeep is in de late jaren tachtig terug gevonden en in zijn oude luister hersteld. Deze zou nog in de Verenigde Staten zijn. Van de vijftien MT-TUG’s zijn er in ieder geval zes ‘overlevenden’. Drie daarvan zouden gerestaureerd zijn (nummer 7/8 en 11) terwijl de andere drie dat nog niet zijn.

Leuk om te weten is dat Willys-Overland knap trots is op haar 6×6 Jeep. Trots genoeg voor een patent toepassing van Barney Roos voor haar eerste versie met slat grille op 26 december 1942. Daarna probeerden ze een patent voor de standaard grille, maar omdat deze van Ford kwam hebben ze het patent nooit gekregen.

Boven: Land Rover FC 101 in Ambulance uitvoering. De FC 101 kwam voort uit de behoefte van het leger voor een terreinvoertuig met een groter laadvermogen dan de standaard Land Rover. Daarnaast moest de auto ook een aangedreven aanhanger kunnen trekken of een licht kanon. Verder moest het voertuig voldoende ruimte hebben voor de bemanning van het geschut (acht personen) of anders munitie en ander noodzakelijk materieel. De motor is de bekende 3,5 liter V8 Rover motor met, als gebruikelijk in het leger, iets minder compressie zodat ook benzine met lager octaan getankt kon worden. Het laadvermogen was een ton en ze konden uit een vliegtuig gedropt worden. Er zijn er ongeveer 2.500 gebouwd in de jaren zeventig.

Boven en onder: Daihatsu Wildcat F20 van 1981. Wat hem bijzonder maakt is de zeven slots grille. Nu weten we ons te herinneren van een Daihatsu expert dat die ook een Taft had met zelfs een negen slots grille. Het schijnt dat er in het begin een aantal gemaakt zijn met de jeep grille, maar gerichte documentatie omtrent dit ‘fenomeen’ hebben wij nergens kunnen vinden. Wie het weet mag het zeggen…

Boven: Renault TRM 2000. Onder: Morris Commercial MRA1.

Boven: Nog een bekende: Gerrit van Keulen junior met zijn Zwitserse Mowag.

Boven: Scania 80 Super. Wat hem apart maakt is de dubbelcabine.

Boven: Interieur van een Tilly.

Boven: Studebaker M29 ‘Weasel’ cargo carrier. 

Boven: Bombardier, de Canadese ‘broer’ van de Iltis (destijds licentie van VW overgenomen) maar met extra voorsper.

Onder: Magirus Deutz S-3500.

 

Boven: let op, geen Mercedes G, maar een Puch!

Boven: REO M-275. Onder: Onder de kap van een Nekaf.

Boven en onder: Volvo TGB 1314 6×6, ontworpen als ambulance. Yep, de uitvoering met de begeerde portaalassen.

Boven: De Duitse VW Kübelwagen Type 181 in een ‘Nederlands kleurtje’. 

Boven: Het interieur van de Duitse Schwimmwagen.

Twee keer boven en drie keer onder: Ook apart is de Britse Daimler Scout Car, beter bekend als de Daimler Dingo. Een licht gepantserd verkenningsvoertuig dat dienst deed in de Tweede Wereldoorlog. Vierwielaandrijving en een 55 pk zescilinder 2,5 liter motor achterin. De eerste versie had ook nog eens vierwiel besturing, maar dat leverde problemen op in de handen van minder ervaren chauffeurs zodat die mogelijkheid op de latere uitvoeringen komt te vervallen. Wat wel blijft is de speciale versnellingsbak die het mogelijk maakt alle vijf versnellingen zowel vooruit als achteruit te gebruiken. Een reservewiel heeft de Dingo niet omdat de banden bijna van massief rubber zijn. In de oorlogsjaren zijn er 6.626 geproduceerd en hij gaat pas uit dienst in 1954. In Nederland heeft de Prinses Irene Brigade de Dingo gebruikt.

Boven: Paul van der Valk met zijn juist aangeschafte Franse Acmat die hij toen niet aan de gang kreeg. Dat is inmiddels verleden tijd.

Boven en onder: Deze moet je inmiddels kennen. We schreven een artikel over deze prachtige Alfa Romeo Matta van Dennis Vogel. Niet alleen uniek omdat ze maar weinig geproduceerd zijn (een goede 2.000 stuks), maar ook omdat hij nog in het bezit is van zijn originele motor! En daar ontbreekt het bij de meeste aan omdat deze motor (met hogere compressie) ook in de Alfa Romeo 1900 Zagato te vinden was, een volbloed sportwagen waarmee geracet werd. Je begrijpt dat zo’n motor sneller kapot is en wat is er (in het verleden) dan makkelijker een motor uit zo’n Matta te pakken?

Boven: Drie opeenvolgende generaties van rechts naar links in de juiste chronologische volgorde. Eerst de M38 (CJ3A civiel), dan de M606 (CJ3B civiel) en als laatste de Nekaf (CJ 5 civiel). 

Boven en onder: Hummer H1.

Boven: De oude straaljager staat op een Amerikaanse Oshkosh truck.

Boven: DAF YAV 2300 Antenna Tower. Er zouden er 85 voor de luchtmacht geproduceerd zijn staat op het begeleidende kaartje te lezen, waarvan er zeven omgebouwd worden tot Antanna Tower voor AFCENT Brunssum (NATO). Drie zouden er nog over zijn waarvan twee in prive bezit. Dit is één van die twee. Het opbouwen van die antennemast neemt met vijf man circa anderhalf tot twee uur in beslag.

Twee keer boven en twee keer onder: Nog een unieke auto, de Ford GP! Het is de eerste serie auto’s van Ford toen de ‘Jeep’ nog niet gestandariseerd was. Het betrof de order van 1.500 stuks die het leger zowel Bantam, als Willys en Ford toekende. Over de aantallen die de drie fabrikanten maakten als gevolg van deze order heerst enige duisterheid. Het is tamelijk zeker dat Willys 1.555 stuks Willys MA produceert. Bantam zou er 2.605 of 2.675 van haar BRC40 gemaakt hebben, maar het meest duister is het aantal van deze GP’s die je hier op de foto’s kunt bewonderen. Er wordt gesproken over aantallen in de drie duizend, maar ook 4.458 wordt genoemd. Hoe het ook zij, zeldzaam blijft hij. En je gelooft het bijna niet, maar deze stond te koop! Helaas niet voor de pakweg $ 783,- waarvoor Ford hem aan het leger aanbood. Wil je dit exemplaar hebben, dan zul je € 45.000,- mee moeten brengen… 

Boven en onder: Voorheen Borgward B2000 A/O Kübelwagen maar in 1961/1962 overgenomen door Büssing. Die produceert er na de circa 6.000 die Borgward er maakte nog eens 168 met de eigen Büssing badge op de neus. De auto’s zijn verder identiek. We hebben hem uitgebreid voor het voetlicht gehaald in ons Wings & Wheels verslag van augustus vorig jaar.  

Boven: Relaxed sfeertje rondom een Chevrolet C8.

Boven en onder: Herken je hem met zijn bruine pet? Kom je op Discovery TV regelmatig tegen in Combat Dealers, Bruce Crompton.

Boven en onder: Een Mercedes-Benz Unimog natuurlijk, maar let ook eens op het stuur…

Boven: Staat weg te kwijnen op vliegveld Twenthe, een of ander vliegtuigtrekkertje.

Boven: Fordson WOT 6. Fordson is een samentrekking van Henry Ford & Son en het is een aparte onderneming van de Ford familie (die ook alle aandelen van het bedrijf in bezit heeft) dat zich toelegt op de productie van tractoren. Ze gebruiken die naam ook voor commerciële voertuigen van Ford. Als de Tweede Wereldoorlog op komst is wordt Ford gevraagd of ze voertuigen voor het Britse leger wil maken. De voertuigen die het gevolg zijn is de WOT serie (War Office Trucks) en die zijn er in vijf varianten, de WOT 1, 2, 3, 6 en 8. De WOT 1  tot en met 3 modellen hebben alleen achterwielaandrijving en een torpedofrontcabine (neus). Alleen de WOT 1 heeft zes wielen terwijl de WOT 2 met circa 60.000 van de totaal 130.000 de meest geproduceerde van het vijftal is. De WOT 6 en 8 hebben aandrijving op alle vier de wielen. Je zal het niet direct denken, maar de WOT 6 is een gevolg van de WOT 8, echter heeft circa drie ton laadvermogen tegen 1,5 ton voor de WOT 8. De motor is een V8 benzinemotor (zijklepper) met een inhoud van 3.621 cc welke 85 pk levert bij 3.800 t/pm. De 4WD Fordsons hebben als extra nog een reductiebak (hoog en lage gearing).

Onder: Doet ons denken aan David en Goliath op de aanhanger. De grote zware tank tegen het Jeep modelletje.

Fotografie: Ad Woolthuis. Tekst: Martin Brink.

0

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *